14. Papa

14. Papa

Ik ben Frida en dit is gewoon een overdenking van mij in het hier en nu in 2026

Het is vandaag 16 april 2026 en ik lig in bed met de laptop. Mijn vader is niet zo maar een vader, hij is een bijzonder mens en dat zeg ik niet als zijn dochter maar als volwassen vrouw die anders naar de wereld kijk dan hij. Ik hoor het van veel mensen, mensen die hij niet kent maar toch helpt. Hij is oprecht en altijd eerlijk dat is iets waar veel mensen niet tegen kunnen. Geld vind papa maar bijzaak hij zegt altijd, “kan het toch niet meenemen de kist in”, of “kan het beter weggeven met warme hand dan met een koude.”

Soms zit ik gewoon naar papa te kijken en denk ik: jij bent echt niet normaal. Niet op een slechte manier, maar gewoon… anders dan de rest. Hij heeft zoveel mensen om zich heen en toch voelt het nooit druk of nep. Alsof hij precies weet wie er toe doet en wie gewoon even langskomt in zijn leven.

Ik heb dat een beetje voor mezelf ingedeeld, omdat ik het anders niet snap. Je hebt namelijk twee soorten vrienden. Vrienden die blijven en vrienden die gaan. En dat klinkt misschien hard, maar zo werkt het wel. De vrienden die blijven, die zijn er altijd. Niet per se elke dag of elk weekend, maar ze zijn er. Je voelt dat gewoon. En dan heb je de anderen. Mensen die een tijdje meelopen, waarmee je lacht, herinneringen maakt en daarna… gaan ze weer. En papa vindt dat prima. Ik dus echt niet. Ik wil dat mensen blijven. Maar hij zegt altijd: “Ze waren er op het moment dat het nodig was.” En dan kijkt hij zo alsof dat alles verklaart.

Wat ik misschien nog het bijzonderste vind, is dat papa vrienden heeft die je eigenlijk helemaal niet kent. Echt van die mensen waarvan ik denk: huh, wie is dit nou weer? En dan krijgt hij ineens een berichtje. Gewoon zomaar. “Hé Bert, hoe is het met je? En met de meiden?” Of iemand die belt zonder reden. Niet omdat ze iets nodig hebben, maar gewoon om te vragen hoe het gaat. Dat soort mensen. En dat gebeurt dus echt. Blijkbaar heeft papa een soort radar voor dat soort mensen. Of zij voor hem. Geen idee.

En ondertussen beschermt hij ons in alles. Echt in alles. Zelfs op een manier die je niet meteen doorhebt. Zoals met die website waar hij schrijft. Hij deelt daar zoveel, maar toch ook weer niet alles. Hij gebruikt bijna nooit echte foto’s. Hij bewerkt ze altijd. Alsof hij ons een beetje uit beeld houdt, zonder dat het opvalt. Ik heb hem daar ooit naar gevraagd. Waarom geen echte foto’s? En toen zei hij: “Het gaat niet om de foto’s, het gaat om het verhaal.” Typisch hem. Voor hem gaat het altijd om wat erachter zit, niet om wat je ziet.

Hij gelooft ook echt dat alles gebeurt zoals het moet gebeuren. Dat dingen je overkomen met een reden. Ik weet niet of ik dat altijd geloof, maar hij wel. Laatst vertelde hij over mensen die alles hadden verkocht en gewoon zijn gaan varen. Naar Noorwegen. Ze willen overwinteren in Alta. En dat is dus zo typisch iets waar papa helemaal enthousiast van wordt. Wij komen daar ook elk jaar langs als we teruggaan. En ergens hoop ik echt dat we die mensen gaan ontmoeten. Gewoon omdat ik weet dat dat weer zo’n klik wordt. Dat heeft hij altijd.

En soms denk ik: ik wil dat ook. Gewoon alles achterlaten en gaan. Niet nadenken, niet plannen, gewoon doen. Maar ja… dat is dus niet hoe mijn leven nu is. Samen met mijn zussen run ik een bedrijf. We hebben personeel, verantwoordelijkheid, mensen die op ons rekenen. Dan kun je niet zomaar zeggen: doei allemaal, ik ga even de wereld over zeilen. Hoe graag ik dat soms ook zou willen.

Papa weet niet dat ik dit schrijf. Of nou ja, nog niet. Hij gaat het vanzelf een keer lezen, dat weet ik zeker. En misschien zegt hij dan iets nuchters zoals: “Mooi stukje.” Of hij maakt er een grap over. Dat doet hij ook altijd. Maar sommige dingen zeg je gewoon makkelijker op papier dan in het echt.

Dus laat ik het hier maar zeggen.

Ik ben echt trots op hem. Niet een beetje, maar gewoon echt. En voor ons is hij de beste vader die er is. Ook al denkt hij zelf soms dat hij maar wat doet.

Hij doet het precies goed.

Geef een reactie